Wanneer onze voorouders ‘s nachts omhoog keken, zagen ze heel veel onbekende objecten in de hemel: sterren, planeten, de maan. Ze bedachten allerlei theorieën om te verklaren hoe het daarboven nu in elkaar steekt, welke samenkwamen in het boek Almagest van Ptolemaeus. Tussen de vijftiende en zeventiende eeuw kwam men erachter dat er veel meer aan de hand was dan dit boek verklaarde. Er werden nieuwe objecten ontdekt en de hemel gedroeg zich toch niet zoals Prolemaeus beschreef. Er kwamen nieuwe ideeën, die uiteindelijk leidden tot het boek Principia van Isaac Newton. In dit artikel beschrijft Gerard van den Akker aan de hand van drie belangrijke werken de overgang van het oude wereldbeeld, waar alles om de Aarde heen draait, naar het nieuwe, waar de planeten juist om de zon draaien.