De schoonheid van de affirmatie

By Inter

Hoewel de opdeling niet waterdicht is, betoogt Sander van Maas dat het concept ‘schoonheid’ uiteenvalt in meerdere categorieën. Naast de gewone, ‘ordinaire’ vorm van schoonheid, en de sublieme schoonheid, introduceert de schrijver een derde concept: de ‘affirmatieve’ schoonheid. Deze schoonheid kent geen precedent en dwingt je tot een sprong in de onbekende terreinen van je emoties. Affirmatie leidt men naar het onbekende en is daarom in potentie verregaand en gevaarlijk.

Dr. Sander van Maas is voorzitter van het Nederlands Genootschap voor Esthetica en hij is werkzaam binnen de leerstoelgroep Muziekwetenschap binnen de Faculteit voor Humanistiek van de Universiteit van Amsterdam. Als postdoc onderzoeker is hij op het moment betrokken in het project ‘New Music and the Turn to Religion’. Daarnaast onderwijst hij Muziek Esthetica aan het Conservatorium van Amsterdam. Van Maas’ publicaties bevatten onder meer een interdisciplinaire studie over Olivier Messiaen met de titel Doorbraak en Idolatrie: Olivier Messiaen en het geloof in muziek (Delft: Eburon, 2003).

Beauty and architecture

By Inter

Met zijn Kritik der Urteilskraft, introduceerde Kant de esthetica als volwaardige tak van de filosofie. Sindsdien wordt dit werk vaak als uitgangspunt genomen van hedendaagse besprekingen van ‘schoonheid’. Schoonheid, en Kants analyse daarvan, zijn echter door de eeuwen heen in de filosofie van de kunst steeds verkeerd begrepen. In dit artikel herstelt Patrick Healy de betekenis die Kant oorspronkelijk aan schoonheid toekende, en bespreekt de implicaties voor ‘afgeleide kunst’ als architectuur.

Patrick E. Healy is docent wetenschapsfilosofie aan de bouwkundefaculteit van de Technische Universiteit Delft. In 2005 gaf hij een lezingenreeks over Beauty and the Sublime, waarin hij de ontwikkeling van filosofische esthetiek sinds de achttiende eeuw behandelde.

Plato’s inleiding tot de schoonbegeerte

By Inter

Zich bedienend van het uitgebreide werk van Plato stelt Albert van der Schoot een coherent beeld samen van Plato’s opvatting over het concept ‘schoonheid’. Beginnend met Plato’s beeldspraak van de ziel die wordt getrokken door twee paarden, geeft Van der Schoot een noodzakelijke introductie in Plato’s kentheorie die rept over ware kennis in de vorm van Vormen en Ideeën. Op basis hiervan komt Van der Schoot tot een intrigerende conclusie over de ware aard van schoonheid.

Albert van der Schoot doceert (muziek)esthetica en cultuurfilosofie aan de Universiteit van Amsterdam. Zijn publicaties omvatten onder meer ‘De Ontstelling van Pythagoras’ (Kok Agora, 1998) en een bijdrage aan de bundel ‘Tien Westerse Filosofen’ (Uitgeverij Nieuwezijds, 2000).

Researching The Ripper

By Inter

De ondergrondse wereld van de criminaliteit spreekt sterk tot de verbeelding. Je zou denken dat we dieven en moordenaars zo snel mogelijk willen vergeten, maar we plaatsen daarentegen de nadruk op de gruwelijkste exemplaren en produceren er een enorme hoeveelheid boeken en films over. De nooit opgeloste zaak rond seriemoordenaar Jack the Ripper is een van de grootste inspiratiebronnen op dit gebied. Zelfs na honderdtwintig jaar wordt er nog gespeculeerd over wie de dader was. Jeroen van der Meer, evenzeer geïnspireerd, zet voor ons de belangrijkste verdachten in de zaak The Ripper op een rijtje.

Gedaanteverwisseling

By Inter

In klassieke sprookjes strijden de goeden tegen de kwaden, wit tegen zwart. Grijs bestaat niet. Maar in de wereld om ons heen is puur kwaad of goed moeilijk te vinden. Een crimineel is niet per…

Biopsychologische determinanten van antisociaal en crimineel gedrag

By Inter

In het publieke domein is de biologische achtergrond van crimineel gedrag een gevoelig onderwerp. Binnen de wetenschap wordt hier echter volop onderzoek naar gedaan. Liever spreekt men overigens over biopsychologische factoren die tot crimineel en/of antisociaal gedrag leiden, omdat juist uit biopsychologisch onderzoek blijkt dat omgevingsfactoren een significante rol spelen bij het ontstaan van dergelijk gedrag. De Vente en Michon presenteren een overzicht van huidige kennis op dit gebied, waarbij zij betogen dat inzicht in de biopsychologische basis van crimineel gedrag van fundamenteel belang is voor de ontwikkeling van therapie en interventiemogelijkheden.

Het ezelsproces

By Inter

Godslastering klinkt als een vergrijp dat na de Tweede Wereldoorlog binnen het christendom niet meer serieus is genomen. Niets is minder waar. In 1966 schreef Gerard van het Reve een expliciete scène over God als ezel in een erotische scène. Van het Reve wilde zich zuiveren van de kritiek van Tweede Kamerlid Van Dis (SGP) dat hij een godslasteraar zou zijn. Het kwam tot een tenlastelegging. In dit artikel analyseert Inge van der Bijl het verloop van deze rechtzaak, in het bijzonder het geruchtmakende hoger beroep.

Seks en de wet

By Inter

Seks associëren we niet direct met criminaliteit. Een duik in onze wetboeken laat echter zien dat er flink wat wetgeving over seksueel gedrag te vinden is. Het betreft niet enkel strafrechtelijke maatregelen bij verkrachting en kinderporno, maar ook regels over ‘schunnige boekjes’. Gert Hekma laat aan de hand van een historisch overzicht zien dat wetgeving rondom seks een fenomeen van alle tijden is. Hij betoogt niettemin dat vrijwel alle wetgeving in dit domein onzinnig en overbodig is en plaats zou moeten maken voor een alternatief beleid waarin seksuele politiek en seksueel burgerschap een belangrijk deel uitmaken van onderwijs en samenleving.

Criminaliteit als instrument van de macht

By Inter

Michel Foucault was een Franse filosoof die leefde van 1926 tot 1984. In zijn leven heeft hij vele boeken geschreven waarin hij kernbegrippen zoals waarheid, macht, lust en ‘het zelf’centraal stelde. In het boek Surveiller et Punir beschrijft hij de werking van de criminaliteit en de gevangenis. In een gevangenis wordt volgens hem niet alleen de vrijheid van een veroordeelde ontnomen, maar wordt de veroordeelde ook tot misdadiger gemaakt. Hoewel de gevangenis criminaliteit zou moeten tegengaan, vervallen veel ex-gedetineerden tot recidive. Toch wordt de gevangenis als apparaat aangehouden door de politiek. Dit leidt tot de vraag of de politiek de criminaliteit wel wíl tegengaan of dat zij de criminaliteit juist gebruikt.

Het monopolie op wetenschappelijke onzekerheid

By Inter

In de vele films en televisieseries over de forensische recherche worden misdaden moeiteloos opgelost met behulp van DNA-bewijs. Met DNA wordt keihard aangetoond of een verdachte schuldig is of niet. Maar in de echte wereld blijkt DNA-bewijs helemaal niet zo zwart-wit. Het bewijs moet worden geïnterpreteerd en hierbij kunnen fouten worden gemaakt. Een bekend en uitgelezen voorbeeld hiervan is de Schiedammer parkmoord waarbij een verdachte onterecht schuldig was bevonden. In dit artikel beschrijft Lonneke van der Velden wat er mis ging in deze zaak en bespreekt zij de vraag wie verantwoordelijk is bij wetenschappelijke onzekerheid over DNA-bewijs.